Yvan Decaluwé, vrijwilliger opvang

Yvan Decaluwé, vrijwilliger opvang

De eerste gastarbeiders werden uitgebuit

Yvan heeft de eerste gastarbeiders in de streek zien arriveren. Ze worden niet als gasten ontvangen, maar eerder als dwangarbeiders. De nieuwkomers leven in erbarmelijke omstandigheden en worden uitgebuit door hun werkgevers. Yvan en zijn vrienden besluiten om tegen het onrecht te reageren. Ze steken de handen uit de mouwen om de arbeidsmigranten zoveel mogelijk te helpen.

De vrijwilligers zoeken huizen om te huren, zodat ze niet meer in barakken moeten slapen of woekerprijzen moeten betalen. Ze stellen zich borg bij de huisbaas, richten de huizen in met tweedehands spullen, helpen met administratie en organiseren Nederlandse lessen. Ze leren de nieuwkomers ook kleine dingen, zoals de stoof aansteken.

De migranten komen het vuil en zwaar werk doen waarvoor de Vlamingen hun neus ophalen. De arbeidsregels worden meestal niet gerespecteerd. Over loon wordt niet gesproken. De meeste arbeidsmigranten zien hun verblijf in België als iets tijdelijks. Als ze geld genoeg hebben, willen ze terugkeren. Maar uiteindelijk zullen de meeste toch blijven.

De meeste Vlamingen reageren achterdochtig en terughoudend op de komst van de arbeidsmigranten. De taalbarrière zorgt voor communicatieproblemen. En als de economie slecht begint te gaan, worden ze scheef bekeken omdat ze gebruik maken van uitkeringen of omdat ze jobs afpakken.

De arbeidsmigranten krijgen het moeilijk tijdens de crisisjaren. Veel eenvoudige jobs verdwijnen of worden overgenomen door machines. De laaggeschoolde nieuwkomers staan kwetsbaar. Sommigen proberen het als zelfstandige, maar ook dat gaat met vallen en opstaan.

In 1976 legt de Marokkaanse gemeenschap in Kortrijk samen voor een moskee. Tot ieders verbazing hebben ze 100.000 Belgische frank ingezameld. Omer Soubry, één van de belangrijkste vrijwilligers uit de groep, is toen ook schepen van patrimonium. Hij helpt met het vinden van een geschikte locatie.

Er is volgens Yves nog steeds discriminatie op de arbeidsmarkt, ook tegenover de kinderen en zelfs kleinkinderen van migranten. Ze hebben talenten en diploma's, maar door hun naam of huidskleur krijgen ze niet dezelfde kansen. De vooroordelen zijn er nog altijd, de achterdocht ook.

De integratie zou beter verlopen als we luisteren naar de nieuwkomers. Waarom zijn ze hier? Van waar komen ze? Met welke bagage? Met welke verwachtingen? Nu laten we ze in de steek. Ze moeten het zelf maar uitzoeken. Dat doen we ook met onze jongeren. Ze hebben meer houvast nodig.

INTERVIEW